Ontmoet rolmodel: Eva & Martine Boonen

Oprichters en CEO's

MAMMAE

“ALS JE NOOIT TEGEN DE GROND GAAT OM VERVOLGENS RECHT TE KRABBELEN, DAN LEER JE NIKS.”

Tip 1:
Put kracht uit je passie

Tip 2:
Hou de financiën zelf mee in het oog

Tip 3:
Durf je problemen in de groep te gooien

MARTINE EN EVA BOONEN BRACHTEN MET MAMMAE EEN INNOVATIEVE BORSTVOEDINGSBEHA OP DE MARKT. EEN BLIJDE GEBOORTE, AL VERLIEP DE BEVALLING NIET HELEMAAL VLEKKELOOS. “FALEN DOE JE OM TE LEREN.”

ANGST OM TE FALEN HOUDT VELE VLAMINGEN TEGEN OM TE ONDERNEMEN. HERKENBAAR?

Martine: “Ik heb geen angst ervaren, maar wij zaten natuurlijk ook in een luxepositie: wij waren de ‘topbedenkers’ (ze wonnen de publieksprijs in het televisieprogramma ‘De Bedenkers’, red.), wij waren laureaat bij wedstrijden als Bizidee en Comeva. Iedereen was het erover eens dat onze nieuwe borstvoedingsbeha een topproduct is. Het feit dat we loopbaanonderbreking hebben kunnen nemen, heeft mij ook een veilig gevoel gegeven.”
Eva: “We waren bezig met iets te creëren, met iets op te richten. We hebben onze angst voor het onbekende overwonnen door veel met elkaar te spreken en met de mensen rondom ons. In het begin is alles heel overweldigend. Je komt heel veel professionele mensen tegen, die allemaal moeilijke termen gebruiken, en dan heb je het gevoel: ‘Oei, ik weet hier nog niet veel’. Na verloop van tijd zie je dat er veel mensen zijn die het ook niet altijd zo goed weten en die dat durven toe te geven en erover spreken met anderen. Dat helpt je om die angst te overwinnen. Informeer je dus heel goed. Er zijn ondertussen heel veel kanalen voor startende ondernemers waar alle informatie die je nodig hebt, verzameld is. Je moet vooral durven te spreken over waar je van wakker ligt, waar je bang voor bent, wat je nodig hebt. Hou niet alles voor jezelf. Denk ook niet dat je alles meteen moet kunnen, maar durf toe te geven dat het allemaal nieuw is en durf advies te vragen.”

WANNEER WAS ER VOOR HET EERST EEN FAALMOMENT?

Eva: “Een faalmoment was het moment dat we unieke kleding op de markt hadden gebracht om te combineren met onze borstvoedingsbeha’s. Er was veel vraag naar, maar dan zagen we dat we, om regelmatig van collectie te kunnen veranderen, veel meer verkooppunten nodig hadden en die waren er niet. Toen zaten we even in de put, we hadden zoiets unieks.
En toen besloten we: ‘We moeten dat op de markt brengen!’ Als twee kleine, bange muisjes zijn we naar JBC gestapt. Daar hebben we ons idee op tafel gelegd en dat werd dadelijk heel goed onthaald. Er werd onmiddellijk een heel fijne samenwerking opgestart en ondertussen liggen er al enkele van onze collecties in de winkelsWe zijn heel blij dat we toen doorgezet hebben en dat we ons niet door de boze kritiek van de bank – het feit dat we de vooropgestelde omzet niet hadden gehaald – hebben laten doen en op zoek gingen naar een oplossing.”

Martine: “Falen, dat vind ik zo’n negatief geladen woord. Niet wat het falen met je doet, is van belang, maar wat jij met het falen doet. Iedereen weet dat falen geen fijne gevoelens oproept: je bent boos op jezelf, je hebt schuldgevoelens, je voelt schaamte, maar wat je erna doet, dat gaat net het verschil maken. De ommezwaai is er gekomen omdat wij vanuit ons hart ondernemen, niet zomaar vanuit ons ego, en omdat we gepassioneerd zijn door ons product. We stellen niet alleen onszelf teleur als we nu stoppen, maar ook een heleboel mama’s, zo redeneerden we.”

WAREN ER SOMS MOMENTEN VAN TWIJFEL?

Martine: “We hebben heel dikwijls aan onszelf getwijfeld. ‘Was ik maar bij mijn vaste job in Genk gebleven!’ Maar na die twijfels komen vaak mooie momenten, waardoor we weer nieuwe energie hebben om verder te gaan. We hebben het geluk dat we met z’n tweeën zijn. Bij moeilijkheden kan de ene de andere oppeppen. We kunnen ook terugvallen op familie en vrienden. Ze hebben ons uit de nood geholpen door ons geld te geven, zodat we onze vorige investeerder konden uitkopen. Ja, het is echt schitterend om te zien hoeveel supporters we hebben die niet zeggen ‘Zie je wel!’, maar ‘Komaan! Niet opgeven!’”
Eva: “We delen ook veel ideeën met elkaar, het ligt niet in onze aard om snel op te geven.”
Martine: “We zijn ook complementair. Wat ik heel graag doe, doet Eva niet graag, en omgekeerd. Een tip voor starters: ga na bij jezelf wat je graag doet, wat je minder goed doet, wat je nog niet kunt, zodat je daar externe hulp kunt voor inschakelen.”

HOE REAGEERDE DE OMGEVING OP FAALMOMENTEN?

Martine:  “Ik was op een netwerkevenement en daar vroegen ze: ‘Hoe is het met Mammae?’ Ik zei: ‘Niet goed’. Iedereen zweeg, ander onderwerp. Dat vind ik jammer, omdat iedereen weleens met iets worstelt. Het gevaar bestaat dat je jezelf een mislukkeling zult voelen, omdat je enkel die positieve verhalen hoort van andere mensen. Durf erover te praten, dat is een heel goed advies, want dan merk je pas dat de verhalen loskomen en dat je niet alleen bent.”

Eva: “Ik denk dat er veel te weinig over falen gesproken wordt. Al van kleins af wordt iedereen gestimuleerd om het goed te doen, alles wordt in doelgerichte processen gegoten. Zelfs in hobby’s moet je de beste en de mooiste zijn. Ik denk dat er veel te weinig over falen wordt gesproken in de positieve zin: dat je het nodig hebt om te leren. Als je nooit dingen fout doet, als je nooit tegen de grond gaat om vervolgens recht te krabbelen, dan leer je niks. Falen is even belangrijk als je doel bereiken. Hier is een grote taak weggelegd voor het onderwijs: het creatieve proces, het proberen is veel belangrijker dan een perfect resultaat. Ik las een boek over een boeddhistische non en die haalde een zeer mooie quote van Samuel Beckett aan: ‘Steeds geprobeerd, steeds gefaald, geeft niet, probeer opnieuw, faal opnieuw en faal steeds beter’. Ik vond dat echt een heel mooie quote, die ik ook wil meegeven aan mijn kinderen: ‘Wat je doet, het maakt niet uit, probeer opnieuw, faal opnieuw en je zult zien dat je je weg wel vindt’.”

“Ik merk vaak dat er in een professionele setting niet spontaan gepraat wordt over het falen, over nachten wakker liggen, over het twijfelen aan jezelf. Maar als je er spontaan over begint, komen de tongen wel los. Dat is mijn advies aan alle ondernemers: durf te zeggen hoe moeilijk het soms is, durf te spreken over je fouten. We hoeven ons ook niet te schamen als het fout loopt. Heel veel mensen denken: ‘Als het fout loopt, is dat mijn schuld’, omdat we leven in een maatschappij waarin alles gecontroleerd wordt en waar iedereen in zijn hoofd heeft dat alles controleerbaar is. Soms zijn er omstandigheden die ervoor zorgen dat iets niet loopt. Dus het ligt niet altijd bij de persoon zelf, maar veel mensen voelen het wel als een persoonlijk falen als er in het bedrijf iets fout gaat.”

WELKE TIPS WIL U NOG MEEGEVEN AAN STARTERS (IN SPE)?


Martine en Eva:
 “Als je over een sloot wilt springen en je weet niet of je het zult halen, wat kun je dan doen? Laarzen meenemen, droge kleren, een ladder… Zo is het ook met ondernemen: je moet zorgen dat je echt een goed businessplan hebt, dat je mensen achter jou hebt staan die je adviseren, dat je investeerders hebt, en ook naar de financiële risico’s kijkt. Zijn die laatste te overbruggen als het misloopt? Probeer het financiële luik ook mee in handen te nemen. Omdat wij dat wat saai vonden, schoven we het steeds naar het achterplan. Achteraf merk je dat je ook die financiën goed in de vingers moet hebben.”